Category Archives: Hafez

Ghazel 282: ey hame sjekl-e to matbû‘-o hame djâ-ye to chosj

o uw figuur volmaakt van vorm, in-fraai de ruimte om uw zijn – mijn hart verblijdt het pruilen van uw suikerkauwende robijn gelijk het dauwbevochtigd rozenblad fijnkorrelig uw wezen – knap van hoofd tot voet uw bouw als de cipres

Ghazel 282: ey hame sjekl-e to matbû‘-o hame djâ-ye to chosj

o uw figuur volmaakt van vorm, in-fraai de ruimte om uw zijn – mijn hart verblijdt het pruilen van uw suikerkauwende robijn gelijk het dauwbevochtigd rozenblad fijnkorrelig uw wezen – knap van hoofd tot voet uw bouw als de cipres

Ghazel 337: ‘omr-î-st tâ man dar talab har rûz gâm-î mî-zanam

een leven lang al zet ik op mijn zoektocht elke dag een stap en raak om voorspraak elk moment de hand van goedbefaamden aan zolang ik mijn dag slijt zonder mijn liefdeszon-ontsteker maan leg ik weer een strik op het

Ghazel 337: ‘omr-î-st tâ man dar talab har rûz gâm-î mî-zanam

een leven lang al zet ik op mijn zoektocht elke dag een stap en raak om voorspraak elk moment de hand van goedbefaamden aan zolang ik mijn dag slijt zonder mijn liefdeszon-ontsteker maan leg ik weer een strik op het

Ghazel 235: mo‘âsjerân ze harîf-e sjabâne yâd ârîd

gelagsgenoten, denkt terug aan de kompaan der nachten – denkt om rechten van zelfverloochenend dienaarschap nu gij licht in het hoofd zijt, memoreert met klank en voois van harp en tamboerijn dat minnaren behoeftig zijn treedt wonne van de wijn

Ghazel 235: mo‘âsjerân ze harîf-e sjabâne yâd ârîd

gelagsgenoten, denkt terug aan de kompaan der nachten – denkt om rechten van zelfverloochenend dienaarschap nu gij licht in het hoofd zijt, memoreert met klank en voois van harp en tamboerijn dat minnaren behoeftig zijn treedt wonne van de wijn

Ghazel 117: har ân kû châter-î madjmû‘-o yâr-î nâzanîn dârad

al wie de geest op slechts één punt richt en een teder lief bezit met hem werd zaligheid intiem, en aan zijn zijde zit geluk het tempelplein voor liefdes heiligdom ligt hoger dan vernuft – die stoep kust hij, wiens

Ghazel 117: har ân kû châter-î madjmû‘-o yâr-î nâzanîn dârad

al wie de geest op slechts één punt richt en een teder lief bezit met hem werd zaligheid intiem, en aan zijn zijde zit geluk het tempelplein voor liefdes heiligdom ligt hoger dan vernuft – die stoep kust hij, wiens

Ghazel 383: chosjtar az fekr-e mey-o djâm tsje châhad bûdan

wat is er heerlijker dan wijn en roemer te beschouwen – laat mij schouwen wat er zich per slot voltrekken zal hoe lang valt hartpijn te verteren – alle tijd is op – stel, hart, verdwijn, en tijd, los op,

Ghazel 383: chosjtar az fekr-e mey-o djâm tsje châhad bûdan

wat is er heerlijker dan wijn en roemer te beschouwen – laat mij schouwen wat er zich per slot voltrekken zal hoe lang valt hartpijn te verteren – alle tijd is op – stel, hart, verdwijn, en tijd, los op,

Ghazel 068: mâh-am în hafte sjod az sjahr-o be tsjasjm-am sâl-î-st

mijn maan week deze week de maanstad uit, en voor mijn oog een jaar is van u scheidings staat – wat weet gij van hoe zwaar die staat me valt het knaapje in het oog zag doordat zijn gelaat bevalt

Ghazel 068: mâh-am în hafte sjod az sjahr-o be tsjasjm-am sâl-î-st

mijn maan week deze week de maanstad uit, en voor mijn oog een jaar is van u scheidings staat – wat weet gij van hoe zwaar die staat me valt het knaapje in het oog zag doordat zijn gelaat bevalt

Ghazel 465: vaqt râ qanîmat dân ân qadar ke be-tvânî

het ogenblik – gebruik die buitenkans zoveel gij kunt – slechts deze ademtocht neemt gij van ’t leven mee, mijn ziel – dat gij het weet verlangens stilling door het wiel neemt er het leven voor in ruil – beijver

Ghazel 465: vaqt râ qanîmat dân ân qadar ke be-tvânî

het ogenblik – gebruik die buitenkans zoveel gij kunt – slechts deze ademtocht neemt gij van ’t leven mee, mijn ziel – dat gij het weet verlangens stilling door het wiel neemt er het leven voor in ruil – beijver

Ghazel 044: konûn ke bar kaf-e gol djâm-e bâde-ye sâf ast

nu in de handpalm van de roos de graal vol reine nectar rust lofprijst in honderdduizend talen hoe zij is de nachtegaal verlang de bundel met gedichten, sla de weg in der woestijn – hoezo tijd voor de school en

Ghazel 044: konûn ke bar kaf-e gol djâm-e bâde-ye sâf ast

nu in de handpalm van de roos de graal vol reine nectar rust lofprijst in honderdduizend talen hoe zij is de nachtegaal verlang de bundel met gedichten, sla de weg in der woestijn – hoezo tijd voor de school en

Ghazel 025: zolf âsjofte-vo chey karde-vo chandân-lab-o mast

de lokken in de war, bezweet, een lachje om de mond, in roes het hemd gescheurd, vol liefdesliederzang, een langhals in de vuist zijn irissen op ruzie uit, zijn lippen voor excuus en smoes getuit is hij aan mijn oorkussen

Ghazel 025: zolf âsjofte-vo chey karde-vo chandân-lab-o mast

de lokken in de war, bezweet, een lachje om de mond, in roes het hemd gescheurd, vol liefdesliederzang, een langhals in de vuist zijn irissen op ruzie uit, zijn lippen voor excuus en smoes getuit is hij aan mijn oorkussen

Ghazel 107: ân ke rochsâr-e to râ rang-e gol-o nasrîn dâd

hij die uw gelaat de kleur van rozen schonk en wilde rozen schenkt in duldzaamheid verpozen wel aan mij, verschoppeling en van die aan uw lokken bijbracht hoe macht houdt onder de knoet kan de genade mij, die droef ben,

Ghazel 107: ân ke rochsâr-e to râ rang-e gol-o nasrîn dâd

hij die uw gelaat de kleur van rozen schonk en wilde rozen schenkt in duldzaamheid verpozen wel aan mij, verschoppeling en van die aan uw lokken bijbracht hoe macht houdt onder de knoet kan de genade mij, die droef ben,